De winnaar van de Grand Prix van Bahrein wordt (bijna) altijd wereldkampioen

Koen Vergeer
Koen Vergeer

Kunstlicht. Vastgeplakt zand. Eindeloze run-off area’s. In the middle of nowhere. Je mag de Grand Prix van Bahrein kunstmatig noemen – maar we hebben er al een paar prachtige races gezien.

Bahrein, we weten er maar weinig van. Bahrein betekent “twee zeeën”. Het eilandstaatje, tot 1971 bestuurd door Groot Brittannië, ligt tussen Quatar en Saoedi-Arabië in de Perzische Golf, is ruim twee keer zo groot als Texel en telt zo’n anderhalf miljoen inwoners. Begin deze eeuw zette Bahrein zichzelf op de kaart door als eerste land in het Midden Oosten een Formule 1 Grand Prix te organiseren. Landen als Libanon en Egypte hadden het nakijken.

Wordt de winnaar op Bahrein altijd kampioen?

Bernie Ecclestone’s vaste circuit-ontwerper Hermann Tilke tekende een volledig nieuw circuit, met een mooie afwisseling van langzame en snelle bochten en vier stevige rechte stukken. De eerste race, in 2004, werd gewonnen door Michael Schumacher in een Ferrari. Schumacher werd dat jaar ook wereldkampioen. De volgende twee edities werden gewonnen door Fernando Alonso. In 2006 weerstond Alonso bijna een race lang de enorme druk van zijn grote rivaal Schumacher.

Die beide keren dat Alonso de wedstrijd in Bahrein won, werd ook hij wereldkampioen. Toeval of niet? De statistieken liegen niet: van de twaalf races in Bahrein werden er negen gewonnen door coureurs die dat jaar ook het kampioenschap naar zich toe trokken. De twee uitzonderingen op de regel – Massa in 2007 en 2008 en Alonso in 2010 – grepen dat jaar in de allerlaatste race maar nét naast de titel. Dus de winnaar in Bahrein is meteen een serieuze titelkandidaat.

Vorig jaar werd de race in Bahrein gewonnen door Nico Rosberg, inderdaad de latere wereldkampioen. Rosberg zat al in een vroeg stadium op rozen, want tijdens de opwarmronde blies Vettel zijn Ferrari-motor op en direct na de start werd Hamilton aangetikt door Valtteri Bottas die later toegaf dat hij te veel in zijn spiegels had zitten te kijken.

Afgelast

Met de Arabische lente werd het ook in Bahrein onrustig. De protesten, overgewaaid uit andere landen in de regio, werden met behulp van troepen uit Saoedi-Arabië keihard de kop in gedrukt. Uit vrees voor nieuwe ongeregeldheden – de Grand Prix was natuurlijk een uitgelezen mediamoment voor demonstranten – werd de race in 2011 afgelast. De burgeroorlogen in Libië en Syrië hielden het kleine Bahrein daarna uit het nieuws. Een jaar later was de situatie nog altijd gespannen.

Politieke correctheid is nooit een agendapunt geweest in de Formule 1 Mensenrechtenorganisaties vonden dat er in Bahrein niet meer gereden moest worden. Zelfs de Formule 1-teams uitten hun zorgen over de veiligheid. De race ging echter door zoals gepland. Inmiddels zit Koning Hamad bin Isa Al Khalifa weer stevig in het zadel en kan er weer rustig worden geracet. Veel is er in Bahrein niet veranderd, maar politieke correctheid is nooit een agendapunt geweest in de Formule 1.

Battle of Bahrein

Vanaf 2014 is de Grand Prix van Bahrein een zogenaamde nachtrace. Voor een slordige 13 miljoen euro werd het circuit omzoomd met bijna vijfhonderd masten met in totaal 4500 floodlights, die de wedstrijd een bijzonder karakter geven. De race werd meteen de meest levendige uit de Bahreinse historie.

Lewis Hamilton en Nico Rosberg vochten hun eerste echte on-track-duel in de Formule 1 uit. Hamilton en Rosberg reden al vanaf hun jeugd races tegen elkaar. Als jochies droomden ze ervan om samen te strijden om de wereldtitel in de Formule 1.

Nu was het zo ver. Bocht na bocht, wiel aan wiel trachtten ze elkaar de loef af te steken. Hamilton won uiteindelijk het duel, waarmee de verhoudingen binnen het Mercedes-team leken vastgelegd. Lewis was de snellere, meer slagvaardige racer, bereid om tot het uiterste te gaan. Rosberg was toch net iets eerder geneigd om ruimte te geven en zijn voet van het gas te halen.

Na afloop probeerde Rosberg de fight nog even voort te zetten onder het podium en verkondigde hij dat hij van het gevecht genoten had. Maar ja, hij had wel verloren.. Het was het begin van het einde van een oude vriendschap. Vanzelf kwamen de momenten dat Rosberg niet meer toegaf, met als gevolg dat de gewezen vrienden elkaar van de baan reden.

Remmen

Het 5,421 kilometer lange Sakhir-circuit ligt in het woestijn-achtige zuiden van Bahrein. Tilke had daar lekker de ruimte en heeft daarom een zee aan run-off-area’s aangelegd. De totale oppervlakte aan run-off-zones bedraagt zo’n 140.000 vierkante meter. Twee bochten verdienen speciale aandacht. De allereerste bocht, na start-finish is een prima plek om in te halen, de ruime run-off-zone aan de buitenkant is vergeeflijk. In 2014 werd deze bocht met instemming van zijn familie vernoemd naar Michael Schumacher – het is de enige bocht met een naam op het circuit.

Minder vergeeflijk dan de Schumacherbocht is de gemeen geknepen bocht nummer 10. In de bochten 9 en 10, beide blind naar links, moeten de coureurs voortdurend sturen, remmen en terugschakelen, van 250 km/u in z’n vijf naar minder dan 80 per uur in de eerste versnelling. Met name in bocht 10 zien we nogal wat blokkerende wielen en uitstapjes naast de baan. Lastig, want daardoor is meteen de snelheid voor het volgende rechte stuk beperkt. Een zuivere bocht 10 geeft in bocht 11 een extra kans om iemand voorbij te steken. Met zijn brute rechte stukken gevolgd door nauwe bochten is het circuit vooral een aanslag op de remmen van de auto’s.

Zand

Formule 1 auto's houden niet van zand Een ander probleem is het zand dat op de baan terecht komt. Formule 1-auto’s houden niet van zand, daar gaan ze maar op schuiven en glijden. Zand was in vroeger tijden altijd één van de uitdagingen en de charmes van de Grand Prix van Nederland op het circuit van Zandvoort. De moderne Formule 1 wil dat soort hazards echter zo veel mogelijk uitsluiten, bovendien gaat het in Bahrein om nét iets meer zand. Daarom besproeit de organisatie de woestijn in de omgeving met een plakkerig goedje, zodat het zand enigszins vast blijft liggen.

Over kunstmatigheid gesproken. Er is nog wel meer kritiek op het circuit: de grote uitloopzones maken het de coureurs te gemakkelijk, ze kunnen ongestraft allerlei risico´s nemen. Het levert mooie inhaalacties op, maar inderdaad: de onbesuisde actie die Pastor Maldonado in 2014 inzette versus Esteban Guttiérez zal hij in Monaco waarschijnlijk niet uitproberen (tenminste, dat mag je toch hopen.)

Flitsend debuut Stoffel Vandoorne

Voor Max Verstappen is Bahrein nog geen happy hunting ground geweest. In 2015 gaf de motor de geest. Vorig jaar reed hij met de ondermaatse Toro Rosso naar plaats zes. Dat was toen geen onverdienstelijk resultaat, maar dik een maand later liet Max met de Red Bull in Spanje zien waartoe hij werkelijk in staat was.

De race van vorig jaar was de debuutrace voor het Belgische racetalent Stoffel Vandoorne. Omdat Alonso na zijn megacrash in Australië toch een wedstrijd aan de kant moest blijven, kreeg Vandoorne op donderdagavond een telefoontje van teambaas Boullier. Of hij maar meteen naar Bahrein wilde komen. Vandoorne kende de McLaren van de vele uren in de simulator, maar in het vliegtuig moest alsnog een heel pak technische informatie worden doorgevlooid.

De adrenaline hield hem op de been. Niet alleen kwalificeerde hij zich vervolgens vóór teamgenoot Jenson Button op plaats twaalf, hij pakte met een degelijke race ook het eerste punt van het seizoen voor het tobbende McLaren. Hieronder rijd je mee op de eerste meters van een ijzersterk Formule 1-debuut:

Afbeeldingen via Red Bull Content Pool / © Red Bull Media House