De 5 grootste misvattingen over esports in Nederland

Ward Geene
Ward Geene

Met de introductie van de E-Divisie onstond er veel onduidelijkheid: wat is het verschil tussen gamers en esporters?

Het is alweer zeven jaar geleden dat ik begon met 18 dollar per maand te betalen om de livestreams te kijken van de Koreaanse StarCraft II-competitie GSL. Mijn omgeving vond het maar vreemd dat ik naar game-wedstrijden keek. Dat ik veelvuldig games speelde en competitief online gamede was als tiener iets waar ik me continu voor moest verdedigen. Nu moest ik als twintiger gaan uitleggen dat ik naast mijn ‘tijd te verdoen met spelletjes’ er daarnaast ook nog eens naar keek.

Ward GeeneWard GeeneWekelijks neemt columnist Ward Geene ons aan de hand door de groeiende wereld van esports en gaming culture. Deze week: de grootste misvattingen rond esports.In die zeven jaar heb ik veel geleerd. Inhoudelijke kennis van meer dan tien verschillende esports, maar vooral over de misvattingen die er zijn over competitief gamen. Met name bij media en marketeers die sinds de introductie van de E-Divisie volop contact zoeken. In die gesprekken ben ik vooral bezig om misvattingen weg te nemen. Over de inhoud gaat het daardoor nog veel te weinig. Tegen de volgende vijf misvattingen over esports loop ik op dit moment veelvuldig aan:

Gaming is niet hetzelfde als esports

Laten we beginnen bij de kern van veel misvattingen en lastige gesprekken. De aanname dat gaming en esports hetzelfde zijn. Er is een verschil, maar dit is eerder een glijdende schaal dan een zwart-wit onderscheid. Alle esports zijn games, maar niet alle games zijn esports. Zoals Kim een mens is en niet alle mensen Kim heten. Iedere game kan in theorie een esport worden, maar er zijn meer games die dit niet zijn en ook nooit worden.

De transitie van game naar esport is te vergelijken met het pleintjesvoetbal naar een serieuzere competitie Vergelijk je het met sport, dan zou je het als volgt uit kunnen leggen. Met je vrienden op een pleintje een balletje trappen is voetballen. Wanneer je je inschrijft bij een club, wekelijks traint, wordt gescout en in de Eredivisie gaat spelen is dat ook voetballen. Bij beide kun je een wedstrijd spelen, maar er is wel degelijk een verschil. FIFA kun je dus gewoon met je vrienden tegen elkaar op de bank spelen, maar er zijn ook wedstrijden zoals de E-Divisie. FIFA wordt dus als game én als esports gespeeld. Hetzelfde geldt voor League of Legends. En dat maakt het er niet makkelijker op met uitleggen.

De transitie van een game naar een esport is dan ook te vergelijken met die van het pleintjesvoetbal naar een serieuzere competitie. Een transitie waardoor een game kan uitgroeien tot een niveau dat spelers er fulltime van rond kunnen komen. Hoe verder je van het pleintjesvoetbal opschuift naar de Champions League, hoe meer een game een esport wordt. En om dat te worden hebben je een competitieve community nodig. Niet alleen veel mensen die je game kopen en spelen.

Gamers zijn geen esport fans

Voor veel media en marketeers betekent de kennismaking met esports de eerste, echte kennismaking met gaming. Hierdoor ontstaat vaak ook het idee dat iedere gamer geïnteresseerd is in esports. Dat is allesbehalve het geval. Mensen die al jaren iedere dag gamen en gamewebsites volgen voor het laatste nieuws, zijn op een hele andere manier met games bezig.

Ook zij moesten op hun beurt wennen aan het fenomeen. Toen ik in 2010 bij Power Unlimited en later IGN Benelux begon te schrijven over esports, leerde ik snel dat gamers niet per se op informatie over esports zitten te wachten. Onder artikelen en video’s waren er vooral discussies over bijvoorbeeld de zin en onzin van competitief gamen en het kijken er van. Over de inhoud ging het in die dagen zelden. Slechts een minderheid deelde mijn passie. En de mensen die wel geïnteresseerd waren in esports bezochten hele andere websites dan degene waarvoor ik schreef: de websites die ik zelf ook bezocht.

Esports fans zijn geen homogene groep

Het type content waar een gamer of esport-fan behoefte aan heeft is dus anders. Zoals het NOS Journaal en Studio Sport. In het Journaal kan wel wat sportnieuws zitten dat echt belangrijk is, maar sommigen mensen zijn niet in sport geïnteresseerd. Of je hebt mensen die enkel Studio Sport kijken. En misschien dan zelfs alleen het nieuws rondom voetbal. Sportfans zijn geen homogene groep. Mensen die van voetbal houden kijken niet per se naar wielrennen of kunnen daar waardering voor opbrengen.

Esportfans zijn geen homogene groep: De meeste mensen zijn vooral geïnteresseerd in één game Ditzelfde geldt voor esports. De meeste mensen zijn vooral geïnteresseerd in één game. De game die ze zelf spelen. Wie zich wil richten op de liefhebber van esports bereikt met FIFA dus niet de mensen die bezig zijn met League of Legends. Of de mensen die meer van StarCraft II of Counter-Strike houden. De rivaliteit Dota 2 en League of Legends is zelfs een beetje als Feyenoord en Ajax. Mensen zoals ik, die alles proberen te volgen, zijn een hele kleine minderheid.

De millennial bereiken via esports. Het klinkt misschien, als je sommige artikelen van de laatste tijd mag geloven, als die broodnodige zilveren kogel voor marketeers. Maar als je als markteer of mediapartij geen verstand hebt van esports wordt het lastig. Grote kans dat je games, esports en de verschillende doelgroepen op één hoop veegt met alle gevolgen van dien. Probeer maar eens voetbalfans aan te spreken terwijl je niet begrijpt waar ‘buitenspel’, ‘4-3-3’ of ’nummer 14’ op slaat. Dat je bij Ajax in VAK410 enthousiast begint met: “Hand in hand kameraden…”

Influencers en pro gamers

Er is soms ook onduidelijkheid over de positie van YouTubers en mensen die games streamen op Twitch en hoe deze zich verhouden tot esports. Influencers zijn er genoeg in gaming. Content creators van Minecraft, GTA V, FIFA en Call of Duty op YouTube bijvoorbeeld. Jongens en meiden die hier soms fulltime van kunnen rondkomen. Hetzelfde geldt voor de streamers van games op Twitch.

Het is goed om te weten of je Wilfred Genee te pakken hebt of Arjen Robben. Deze influencers maken wel gaming-content, en soms ook van games die een esport zijn als League of Legends, maar dit betekent niet dat ze vanzelfsprekend meedoen aan esports-toernooien. Wat het verwarrend kan maken is dat een aantal esporters naast competitief gamer ook content creator en influencer is. Denk aan sommige FIFA-spelers uit de E-Divisie. Of aan Nederlands succesvolste Hearthstone-speler, Thijs Molendijk, die inmiddels zo’n 20.000 kijkers heeft als hij op Twitch streamt.

Influencers en content creators kunnen dus esporters zijn, en visa versa, maar dat hoeft niet. Het is dus goed om te weten of je Wilfred Genee te pakken hebt of Arjen Robben. Het verschil tussen entertainment en een topsporter. Olaf Mol en Max Verstappen omwisselen lijkt me bijvoorbeeld ook geen goed plan.

FIFA is niet de populairste esport of game

Nu de (sport)marketeer esports als zilveren kogel op zijn netvlies heeft om de millennial te bereiken, zorgen bovenstaande misverstanden ervoor dat mensen verkeerd gaan redeneren. Dan heb ik gesprekken waarin marketeers bijvoorbeeld de volgende logica aan me voorleggen:

Uit cijfers blijkt dat FIFA in Nederland het meest verkocht wordt in de winkel. Daaraan worden conclusies verbonden dat dit de meest gespeelde game in Nederland is. En dus ook de grootste esport. Een idee dat wordt bevestigd dankzij de komst van de E-Divisie. Vervolgens is het idee om de millennial, die esports kijkt, te bereiken via FIFA. En als het even kan met een paar influencers.

Er gaat het nodige fout in die redenatie. Ten eerste gaat het mis omdat FIFA als gaming en esports op een hoop wordt gegooid. Vervolgens wordt het aantal gamers direct vertaald naar esports fans. Net als esport fans naar het aantal mensen dat naar FIFA kijkt. Vervolgens is het aan mij om uit te leggen dat Nederland dankzij de E-Divisie eindelijk een keer voorop loopt bij een esport in plaats van hopeloos achteraan. Iets waardoor ik laatste voor esports elite werd uitgemaakt. Toen ben ik maar niet meer begonnen over het feit dat de fans van de YouTubers die de desbetreffende marketeer op het oog had veelal jonger zijn dan de millennial die hij wilde bereiken.

Esports in Nederland met Google Trends

Hierboven heb ik geprobeerd wat duidelijkheid te scheppen in de soms begrijpelijke verwarring. Tot slot wil ik je nog wat inzichten geven met behulp van Google Trends. Wanneer ik mensen deze cijfers laat zien, gaat dat vaak tegen hun gevoel in. Kijk eens naar de vergelijking van League of Legends, Counter-Strike: Global Offensive (CSGO), FIFA en Hearthstone. De populariteit van League of Legends ten opzichte van FIFA moet je dus zeker niet onderschatten. Ook al ligt die game niet in de winkel.

De twee pieken van FIFA zijn ook goed te verklaren. Ten eerste zie je in september vorig jaar een piek bij de release van FIFA 17. In Nederland ging dat gepaard met een pop-up store op de Kalverstraat en nieuws zoals dat van Koen Weijland die de eerste esporter van Ajax werd. Dit werd landelijk groot opgepakt in de media. Net als de aankondiging van de E-Divisie in januari. De tweede piek.

Als de millennials volgens de marketeers vooral op YouTube zitten, is het interessant om die specifieke zoekresultaten er eens bij te pakken. Ook dan kun je niet om de populariteit van League of Legends heen en zie je nog duidelijker hoe groot CSGO in Nederland is.

Als klap op de vuurpijl heb ik Minecraft nog even aan Google Trends toegevoegd. Dat is overigens geen esport. Maar mocht er nog een misverstand bestaan welke game nu echt het grootste is in Nederland, dan lijkt me de onderstaande grafiek meer dan duidelijk.